gROEP 3B

In groep 3 ligt de nadruk met name op taal/lezen, rekenen en schrijven. We proberen de overgang van groep 1/2 naar groep 3 zo soepel mogelijk te laten verlopen. Dit betekent dat de methodieken op elkaar aansluiten, samen spelen en samen leren heel belangrijk blijven en het zelfstandig bezig zijn en kunnen samenwerken verder wordt uitgebreid. Al met al een zeer boeiend schooljaar waarin het kind zich ontwikkelt van kleuter naar een echte zelfstandige en leergierige groep 3 leerling! 

 

De kinderen zitten op dit moment in tweetallen. De samenstelling van de tweetallen verandert na iedere vakantie. Het werken met steeds andere kinderen is namelijk een zeer belangrijke manier om op een goede manier met elkaar om te gaan en ook samen met en van elkaar te leren. In de loop van het jaar kan het zijn dat de kinderen in groepjes gaan zitten. Het motto is dan ook: niet iedereen is in alles even goed en van elkaar kun je zeer veel leren!

Tijdens taal/leesles en rekenles wordt tijdens de verwerking gewerkt met grote en kleine groep. Dit wil zeggen dat na de klassikale instructie kinderen die hulp nodig hebben in een klein groepje aan de instructietafel extra hulp krijgen van ons. De rest van de groep gaat zelf aan de slag. Zij mogen altijd andere kinderen in het groepje om hulp vragen. Tijdens de lessen werken de kinderen vaak in duo’s (maatjes). Dit is één van de vormen van coöperatief leren. Gedurende dit schooljaar zullen er meerdere vormen van coöperatief leren aan bod komen. 

 

Hoe leert uw kind lezen? Om tot lezen te komen zal een kind een aantal leesvoorwaarden moeten beheersen. Sommige voorwaarden beheerst een kind al vanzelf door goed naar de taal van anderen te luisteren (bijv. het verschil horen tussen stoel en stoep). Andere voorwaarden zal het kind moeten leren en het zal hierbij geholpen moeten worden. In groep 1 en 2 is hier veel aandacht aan besteed en in groep 3 gaan we hier mee verder. 

De volgende voorwaarden krijgen in het begin van groep 3 veel aandacht: 

- verschil horen tussen gesproken woorden (maan is niet man) en letters (f-v, s-z, p-b) 

- woorden en zinnen kunnen onthouden (geheugen) 

- verschil zien tussen woorden (roos is niet soor) en letters (b,p,d) 

- klanken samenvoegen tot een woord (synthese: r..oo..s.. is roos)

- woorden uit elkaar halen (analyse: roos is r..oo.s..) 

- woorden kennen die een plaats aangeven (bijv. links, rechts, vooraan, achteraan, bovenaan, middelste) 

- woorden zoemend lezen (rrrrrroooooosssss is roos) 

In groep 3 werken we met de methode Veilig leren lezen. Deze methode is zeer uitgebreid en leert de kinderen op een leuke, gevarieerde en verantwoorde manier lezen met zeer veel aandacht voor de onderlinge verschillen tussen kinderen. De methode maakt onderscheid tussen 4 verschillende aanpakken: 1. Maan aanpak Dit is de basislijn, afgestemd op leerlingen die normale vorderingen maken bij het aanvankelijk leesonderwijs (maan-groep). 2. Ster aanpak Dit zijn leerlingen die binnen de maan-groep in aanmerkingen komen voor extra of aangepaste oefeningen. 3. Zon aanpak Dit zijn kinderen die bij binnenkomst groep 3 al lezen op AVI 1 niveau of hoger en een goede, zelfstandige werkhouding hebben. Deze kinderen hebben een apart lees- en werkboekje op eigen niveau, maar doen de thema- en taalactiviteiten mee met de hele groep. Het kan ook zijn dat een leerling in de loop van het schooljaar een zonleerling wordt. Dit wordt door ons bekeken a.d.h.v. toetsresultaten, werkhouding, observaties en in overleg met ouders. Na iedere kern is er een toets en worden alle kinderen ingedeeld in hun eigen niveau.

In groep 3 werken we met de methode Pennenstreken. Deze sluit perfect aan bij de leesmethode. Iedere centrale letter van het structureerwoord wordt ook meteen ingeoefend in het schrijfschrift. De kinderen leren geen blokletters meer maar beginnen meteen met de schrijfletters, eerst los en dan gebonden. Dit is in het begin wel moeilijk maar heeft als groot voordeel dat de kinderen niet midden in het schooljaar van blokletters naar schrijfletters moeten overgaan. Daarnaast is er nog een cijferschrift waar de kinderen de goede schrijfwijze leren van de cijfers 1 t/m 10. 

 

In groep 3 werken we met de methode Getal en Ruimte junior. Getal en Ruimte junior bestaat uit 9 blokken. De kinderen krijgen dagelijks instructie en gaan in kleine stapjes van oefenen naar toepassen. Elke week wordt na het ophalen van de voorkennis veel aandacht aan de strategie besteed. Zo kunnen kinderen zich de rekenvaardigheid echt eigen maken voordat ze gaan toepassen. Dit toepassen gebeurt door middel van een stappenplan. Daarnaast is er elke dag tijd voor automatiseren en memoriseren. Voor de rekensterke leerlingen in groep 3 hebben we een meesterwerkboek. Het meesterwerk is bedoeld voor de zeer goede rekenaar die de compacte route volgt..

Aan het begin van elk blok nemen we een toets af van het einde van dat blok. Deze leerstof is immers al een blok geoefend. Zo krijgen we een beeld van welke kinderen de stof al bijna beheersen en welke kinderen nog extra aandacht nodig hebben. Een aantal belangrijke einddoelen in groep 3 zijn:

Getalbegrip:
-Getallen t/m 50 opzeggen en ontbrekende getallen kunnen invullen op de getallenlijn. 

-Toepassen van de 5- en de 10-structuur. 

-Aanvullen en splitsen t/m 10

-Gebruik van de lege getallenlijn en daarop sprongen maken van 10 en huppen van 1 (tot 50), 2 of 5 (tot 20). 

-Bewerkingen (hoofdrekenen): bussommen, pijlensommen en rekentabellen t/m 20 kunnen maken. 

-Rekenverhalen kunnen noteren. 

-Formele somnotatie kunnen toepassen (+, – en = teken). 

-Sommen kunnen uitrekenen a.d.h.v. een lege getallenlijn. 

Meten, tijd en geld: 

-Tijd: Hele uren kunnen aflezen op de analoge klok. Tijdsduur kunnen bepalen tussen twee gegeven tijden.

-Tijd: De dagen van de week in goede volgorde kennen.

-Oppervlakte: Lengte, oppervlakte en inhoud meten m.b.v. een eigen maat. Ze kennen de meter als standaardmaat. 

-Geld: bedragen t/m 20 euro kunnen samenstellen met munten van 1 en 2 en biljetten van 5 en 10 euro. Bedragen t/m 50 cent samenstellen met munten.

Meetkunde: 

-Verbanden leggen tussen blokkenbouwsels, plattegronden en hoogtegetallen.

-Standpunten van foto's bepalen.

-Werken met spiegelsymmetrie. Verder wordt er nog summier aandacht besteed aan verhoudingen en grafieken.


Heeft u nog vragen na het lezen van de informatie hierboven neem dan gerust via de mail en/of telefonisch contact met ons op. 

 

Marjolijn Verseveld en Seher Karaca 

Log in Ontwerp | HFCM onderwijs Realisatie | web2work